![]() |
Zadel:
De beenlengte van uw kind is bepalend voor de hoogte, waarop het zadel afgesteld moet worden. Een paar basis regels:
Zet eerst de fiets zo, dat een van de cranks (de stang waar het pedaal aan zit) recht naar beneden wijst.
Laat het kind op het zadel gaan zitten.
Het zadel staat goed, als de tenen de grond kunnen raken.
Het zadel moet horizontaal staan, u kunt dit afstellen door de zadelstrop los te draaien, het zadel recht te zetten en vervolgens de zadelstrop weer goed vast te zetten.
LET OP: op de zadelpen zitten streepjes voor de maximale hoogte. Het zadel mag nooit zo hoog gesteld worden, dat deze streepjes zichtbaar worden.
Hoogte en stand van het stuur:
De hoogte van het stuur wordt voornamelijk door uw kind zelf bepaald.
Het ene kind wil wat rechter op zitten ( het stuur wat hoger stellen) en het ander wat verder naar voren ( het stuur wat lager stellen).
Doe na het verstellen wel eerst een korte (hand)remtest, omdat verstellen van het stuur de remeigenschappen kan beinvloeden. Zorg dat alle kabels vrij blijven van het stuur, zodat het stuur niet in de kabels kan blijven steken.
LET OP: ook op de stuurpen staan merktekens voor maximum hoogte. Deze merktekens mogen NIET zichtbaar worden.